Voorkomen van zorg

Bij de uitvoering van projecten langer thuiswonen is er, naast het wonen, in toenemende mate aandacht voor sociale en welzijnsaspecten. Denk aan preventie, een gezonde leefstijl, plezier in het leven houden, geestelijk actief en lichamelijk in beweging blijven, gewaardeerd en nuttig voelen en het belang van het eigen sociale netwerk. Aspecten die samen voorwaarden om langer thuis te kunnen wonen. Preventie is aandacht voor het fysieke, psychische en sociale functioneren van zelfstandig wonende ouderen. Voldoende beweging draagt bij aan de benodigde kracht, vitaliteit, conditie en balans die nodig is om zelfstandig te kunnen blijven wonen. Bovendien maken mensen die voldoende bewegen minder kans op diabetes II , hart- en vaatziekten, beroerte, dementie en depressie.

In een groeiend aantal gemeenten zijn afdelingen wonen, welzijn, gezondheid en zorg bondgenoten geworden. Samen zetten ze zich aan de opgave om langer thuiswonen mogelijk te maken en de professionele zorgvraag uit te stellen. Achterliggende wens is het willen beheersen van de stijgende zorgkosten. Verbindingen worden ook in de wijken en buurten gelegd. Het overleg tussen huisarts, wijkverpleegkundige, apotheker en fysiotherapeut wordt letterlijk en figuurlijk dichtbij de kwetsbare groepen geregeld. Hun praktijken zitten in de buurt en medische zorg komt in de vorm van huisbezoek letterlijk thuis.

Aanleiding is de veranderende regelgeving. Per 1 januari 2014 krijgen mensen met een lichte zorgvraag, voorheen zorgzwaartepakket 3, geen indicatie meer voor zorg in een verzorgingshuis. Mensen moeten dus wel langer thuis blijven wonen. Alle lokale partners zien dat bewoners dat zelf ook graag willen en daarin het heft in eigen hand willen nemen. Thuiswonen betekent zelf regie houden en het leven inrichten zoals je dat zelf zou willen. De mate waarin dit kan, hangt samen met de ondersteuning van de mantelzorg, de geboden welzijn- en zorgconcepten thuis, beschikbare woonvormen, persoonlijke gezondheidssituatie en financiële speelruimte.