Blijvend thuis in eigen huis

‘Zelf, Samen, Gemeente’ is dé slogan van de gemeente Barneveld en drukt het streven naar gedeelde verantwoordelijkheid uit. Voor de gemeente is langer thuiswonen een integrale op samenwerking gerichte aanpak tussen het fysieke en het sociale domein.

Sinds tien jaar bestaat in Barneveld een Platform Wonen en Zorg, onlangs omgevormd naar een Bestuurlijk Overleg met een brede focus en samenstelling. Het Bestuurlijk Overleg draagt bij aan een samenhangend pakket van maatregelen om langer thuis wonen voor mensen met een verminderde zelfredzaamheid te realiseren. De gemeente Barneveld heeft daarbij een brede doelgroep voor ogen: zowel ouderen als volwassen met lichamelijke, verstandelijke of psychische beperkingen. In de loop van de tien jaar is het bewustzijn gegroeid hoe belangrijk de niet-fysieke aspecten zijn voor zelfredzaamheid en langer thuis kunnen wonen. Dat vraagt een integrale aanpak.

Projecteigenaar

De gemeente Barneveld is projecteigenaar en heeft het voortouw genomen om partijen bij elkaar te brengen. In het begin waren dat Welzijn Barneveld en de Seniorenraad, later sloten ook onder andere zorgorganisaties en de woningcorporatie aan.

Projectopzet

In 2014 is met provinciale subsidie een ‘nulfoto’ gemaakt om meer zicht te krijgen op de lokale opgaven, het zorgvastgoed, het aantal woningen voor ouderen en verstandelijke gehandicapten, de locaties van die woningen, de verwachte leegstand en het aantal geschikte woningen om aan te passen. Een belangrijke conclusie van de inventarisatie is dat zorgorganisaties tijdig geanticipeerd hebben en voldoende maatregelen hebben getroffen. Daardoor is er geen structurele leegstand te verwachten en hoeven er geen instellingen te sluiten.

Vervolgens is een toekomstbeeld geschetst op het terrein van wonen, welzijn en zorg. Het Bestuurlijk Overleg is ervan doordrongen dat zelfredzaamheid niet ophoudt bij woningen. Het gaat ook om samenwerking, elkaar kunnen vinden en verbinding leggen met de sociale component.

In 2015 is de werkgroep ‘wonen en zorg’ opgericht waar alle organisaties actief in de zorg en onroerend goed bij betrokken zijn. In deze werkgroep wordt een match gemaakt tussen het fysieke aanbod van woonruimte en het zorgaanbod dat geleverd wordt vanuit de Wmo, de Wlz en jeugdwet.

Projectuitvoering

De gemeentelijke rol beperkt zich in de werkgroep tot het stimuleren van de betrokken organisaties om met de nodige realiteitszin naar de huidige en toekomstige problematiek te laten kijken. Op meerdere fronten werken gemeente, stichting Welzijn, woningcorporatie en zorgorganisaties samen om het gemeenschappelijke doel te realiseren. Zonder gemeente komt die samenwerking niet tot stand. De gemeente laat zien dat door samenwerking meer bereikt kan worden.

Er zijn zes werkgroepen ingesteld. Zij geven uitvoering aan de speerpunten die met elkaar zijn afgesproken in het convenant. Bewoners zijn betrokken via de wijkplatforms die tot op heden vooral nog gericht zijn op de fysieke leefomgeving.

In de uitvoering is steeds meer aandacht gekomen voor een integrale aanpak. Enkele voorbeelden, die met elkaar de integrale aanpak laten zien:

  • De opgeleide vrijwillige woonadviseurs kijken breed en betrekken de sociale aspecten als zij op huisbezoek komen en thuisadvies geven.
  • Het project Blijvend Thuis en het Wmo-team van de gemeente werken samen om efficiënt met de beperkte middelen om te gaan. Daarbij staat de gemeente met opzet achteraan, als een vangnet. Iedereen moet ervan doordrongen zijn, dat zij zelf iets kunnen betekenen.
  • Verzorgingshuizen zoeken zelf contact met de sociale omgeving en lokale voorzieningen, zoals het wijkplatform en scholen in de buurt. Zorgorganisatie Elim zoekt de synergie en combineert de doelgroepen ouderen en mensen met een verstandelijke beperking: een deel van het verzorgingshuis wordt geschikt gemaakt voor gehandicapten. Na aanmoediging van de gemeente om ‘te sturen op realisme’, zijn eerdere ambitieuze nieuwbouwplannen in de ijskast gezet.
  • In de kern Voorthuizen (11.000 inwoners) is specifiek gekeken naar het aanwezige aanbod van voorzieningen, welke partijen hier een rol in hebben en hoe dit aanbod verstevigd kan worden. In de vorm van speeddates zaten bestuurders, verenigingen en kader aan tafel om elkaar beter te leren kennen en samen aan de slag te gaan met de opgave langer thuis wonen van mensen met een beperking.
    Eén van de uitkomsten is al gerealiseerd. De plaatselijke bibliotheek is verhuisd naar het centraal gelegen verzorgingshuis, waar ook de scholen een rol (gaan) spelen.
  • De toegankelijkheid van de openbare ruimte wordt getoetst en over geadviseerd door de plaatselijke Wmo-raad. Die is heel actief en heeft een rol in het hele traject bij de totstandkoming van beleidsstukken. In de kleinere kernen hebben de wijkplatforms, bestaande uit combinaties van ondernemers en bewoners, een belangrijke rol.
  • Door prestatieafspraken tussen de gemeente en de woningcorporatie wordt toegewerkt naar comfortabele 55+-woningen met een driesterrenclassificatie en energielabel B voor een- en tweepersoonshuishoudens met een inkomen tot € 34.299. Bij mutaties wordt (een deel van) de grondgebonden seniorenwoningen van voor de jaren tachtig aangepakt: waar aanwezig wordt asbest gesaneerd, de indeling van de begane grond aangepast, drempels verwijderd, de elektra verbeterd, de badkamer vernieuwd en waar mogelijk een opstelplaats voor een scootmobiel gemaakt. Ook wordt de woning volledig geïsoleerd.Woningstichting Barneveld neemt een deel van de investering voor haar rekening binnen de vastgestelde financiële kaders. De huur blijft betaalbaar en bij een laag inkomen blijft huurtoeslag mogelijk.

Borging en toekomst

In een gezamenlijk geformuleerd en ondertekend samenwerkingsconvenant worden jaarlijks aan de zes speerpunten activiteiten en plannen gekoppeld., die uitgevoerd worden door de werkgroepen.

Het eerder geïnitieerde project Blijvend Thuis sluit in 2016 aan bij het regionale project Woon Bewust Food Valley.

Focus op preventie of zorg

Blijvend thuis in eigen huis is gericht op preventie.

Succesfactoren

  • Barneveld heeft van oudsher een sterke sociale cohesie en betrokkenheid, en heeft een goede basis van formele en informele voorzieningen. Het is bij uitstek een netwerksamenleving. De gemeente heeft daarom geen aparte sociale wijkteams in het leven geroepen. Door deze sterke onderlinge betrokkenheid is de transitie van rijkstaken in Barneveld minder ingewikkeld dan in de stedelijke gebieden. Dat zie je ook terug in de houding van lokale partners. Dat gericht eerder gericht is op samenwerking dan op concurrentie.
  • Het Platform dat al tien jaar bij elkaar komt, heeft bijgedragen aan de onderling vertrouwen tussen de lokale partners, de bereidheid tot samenwerking en toenemende openheid om in elkaars keuken te mogen kijken. Deze gevarieerde gezelschap geeft elkaar inspiratie en tilt elkaar naar het volgende kwaliteitsniveau. In Barneveld is een drive om er samen iets van te maken en om stappen te willen zetten. Pro-actief en resultaatgericht.
  • Partijen zien de meerwaarde in van samenwerken. De gemeente koestert en waardeert de partijen en personen die het moeten waarmaken. Dat maakt dat men zich erkend en herkend voelt, deel van de gemeenschap is en graag een bijdrage levert. Het levert ook praktisch en financieel voordeel op door effectiever en efficiënter te werken. Te willen investeren in de Barneveldse samenleving is dan ook een belangrijk toetscriteria voor het inkoopbeleid van de gemeente.
  • Speeddaten met organisaties en verenigingen werkte heel goed als kennismakingsinstrument. Belangrijk is om hier een vervolg aan te geven: wat ben je samen overeengekomen, op welk termijn ga je het realiseren.

De welzijnsorganisatie heeft een sterke en actieve rol. De woonadviseurs kijken breed en dus ook naar de sociale aspecten bij het thuisbezoek.

Leeropbrengsten

  • In het begin ging de aandacht met name uit naar de fysieke kant van ‘het wonen’ en het komen tot woonservicezones. We komen er steeds meer achter dat zelfredzaamheid en langer thuis kunnen wonen vooral een niet-fysieke kant heeft. De wereld is aan het veranderen, bijvoorbeeld door de toenemende digitalisering. Dat brengt kansen met zich mee. Het vraagt om het anders organiseren van voorzieningen. Die kunnen verder weg gelokaliseerd zijn maar toch dichtbij in gebruik zijn. Het uitzoeken bij wie je moet zijn met een vraag en het ‘vinden’ van geschikte voorzieningen, is vaak belangrijker dan de locatie van die voorziening. Dit inzichtelijk maken voor mensen is een uitdaging.
  • Levensloopbestendig bouwen en geschikt maken van woningen is erg weerbarstig. Mensen willen dit niet zonder meer, ze stellen aanpassingen uit. Ondernemers zijn hierop ingesprongen. Maar niet alles is maakbaar.
  • Het blijkt effectief om de verbreding te zoeken en de kennis en kunde van relevante partners en stakeholders te benutten.

Stel jezelf concrete doelen. Zet een stip op de horizon. Een convenant kan hierbij helpen.

Samenwerkingspartners

Partijen zijn met ingang van 2016 vertegenwoordigd in het ‘Bestuurlijk Overleg Wonen-Zorg-Welzijn Barneveld’ (een gewijzigde voortzetting van het eerdere Platform Wonen-Zorg-Welzijn). Gemeente Barneveld en de Adviesraad Sociaal Domein zijn kernpartners, non-profit maatschappelijke organisaties en inwoners in georganiseerd verband zijn welkom om aan te sluiten. De samenwerking van alle betrokken partijen is vastgelegd in een convenant dat de basis vormt voor het Bestuurlijk Overleg.

Contactgegevens

Mimi Stevens, team ruimte – taakveld wonen; WZW projecten

E-mail: m.stevens@barneveld.nl

Publicaties
Links